Categorie archief: Aanpassingen

Perspective is everything 

‘Maar je moet toch een doel hebben, anders is het gevaar dat je gaat denken – waar doe ik het voor?’ 

Een doel… mijn doel? Hoe groot of hoe klein kan ik hem maken. Wanneer ik kan zitten, dan zal de wereld er al heel anders uitzien. Dan zijn er weer mogelijkheden om iets van een leven op te bouwen. Samen dingen doen. Deel te nemen aan de maatschappij. Mijn wereld letterlijk groter maken door naar buiten te kunnen. Mijn doel is niet veranderd, ik wil weer leven. Dat is waar ik op welke manier dan ook aan werk. Om weer invulling te kunnen geven aan mijn leven, aan ons leven.  

Hoe realistisch is het nog een ander doel te stellen? Weet je hoeveel doelen er al voorbij zijn gegaan, zonder dat ik ze heb kunnen bereiken? 

Mijn schoonvader viert dat hij 85 is mogen worden. Mijn schoonmoeder kwam met een prachtig doel, zij zouden hun diamanten bruiloft vieren, al 60 jaar een paar. Al zou ik er maar even zijn, hoe fijn zou dat zijn geweest. 

Mijn nichtje haar derde verjaardag, ik ben er alle jaren bij geweest – via Skype. Gaan kijken naar mijn man die twee prachtige duetten zingt in het theater. Met mijn familie een lang weekend in een huisje. Met elkaar ontbijten, heerlijk wandelen door het bos en pannenkoeken eten. Samen met mijn zus een zesgangendiner bereiden voor de hele familie. Al maanden vooraf het uitzoeken van gerechten, het uitproberen van gerechtjes, de aankleding van de tafel, het servies beetje bij beetje verzamelen. Een keukenkastje open doen en een mix van allerlei geurige kruiden komt je tegemoet. Nu zijn de rollen veranderd en is mijn man diegene die kookt. Heeft mijn moeder het kruidenkastje toch maar uitgezocht en schoongemaakt. 

Leg ik de lat te hoog? Zijn er te hoge verwachtingen waar ik niet aan kan voldoen? Of is dat iets waardoor ik mijzelf juist beperk? Was het maar dat ik mijzelf kon verwijten dat ik te weinig uit mijn bed kom. Dat ik te weinig probeer. Of de moed niet heb om iets aan te gaan. Ik zoek de pijn op, ga over de grens heen, telkens weer. En telkens weer de pijnlijke confrontatie met mijn eigen lichaam dat niet wil.   

Een doel stellen, zonder zicht op verbetering. Zonder resultaat, of zonder een concreet vooruitzicht – als je dit hebt gedaan, dan…
Is het stellen van een doel zonder perspectief wel haalbaar? 

   

‘perspectief’ volgens VanDale

Twee afbeeldingen in collage gemaakt met PicsArt. Een foto met betekenis perspectief volgens VanDale en de andere foto quote perspective is everything
made in PicsArt
Advertenties

“… als je hand niet meer kan wat je wilt dat hij doet”

Dat dit …

Dat iets simpels als
dit
opschrijven zo ingewikkeld is
Als je hand niet meer kan
wat je wilt dat hij doet

Zoiets simpels als
de vingers van je hand
een pen laten pakken
en die voortduwen
over het papier tot dit er staat

Hoe ingewikkeld zomaar
de vuist ontballen
de vingers strekken
het hoofd niet laten hangen
de rug rechten
schouders eronder
dit opkrabbelen

Wat vergt het dan
aan sjorren en doordouwen
trekken trainen moed en tranen
om straks vanuit het verder dan niets
te gaan staan zitten liggen hurken
bukken buigen lopen springen
als iedereen en vroeger
weer rennen dansen
en wie weet wervelen op de lange duur?

Maar eerst met die hand vanuit je tenen
weer zoiets simpels doen
als een pen pakken
de dop er afschroeven en
iets ingewikkelds opschrijven als
dit

Vanavond kon ik met mijn rechterhand mijn beker niet meer vasthouden.
Geen berichtje intikken op mijn telefoon. Mijn tablet niet vasthouden.
Dan is het even slikken.
Een nare pijn, net of iemand binnen in mijn hand mijn middelvinger aan de zenuw strak trekt.
Mijn ringvinger en mijn pink naar binnen vouwt.
Ik leg mijn arm met mijn hand op mijn schoot. Zo ontspannen mogelijk. Hopelijk trekt het weer weg.
Gelukkig wordt het later op de avond beter en wat blijft is een zeurende pijn in mijn hand.

Een eerste gedachte is ‘het zal toch niet’… maar dat is iets dat ik wel snel kan laten.
Als je eenmaal in die gedachten komt, dan is het heel erg lastig om vol te kunnen houden.
Ik moet volhouden. Stoppen voelt als opgeven. Opgeven is geen optie.

Dan lig ik hier…. in mijn bed voor het raam, waar ik nu bijna vijf maanden lig.
Mijn man ligt boven te slapen. Twee poezen op bed.
Het zal alles kosten aan sjorren en doordouwen, trekken en trainen om vanuit het verder dan niets te gaan zitten.
En wie weet wervelen op de lange duur?

Dan gaan mijn gedachten naar dit gedicht. Ergens een keer ergens gelezen.
Dit gedicht beschrijft precies hoe het is…

“… het hoofd niet laten hangen, de rug rechten, schouders eronder, dit opkrabbelen”

image

Verdieping

15 januari was het zover, de traplift werd geplaatst…!!!

De monteurs voelden zich wat ongemakkelijk. Het waren echt twee jonge ‘gozers’. 
Bij de personen waar ze een traplift plaatsen ligt de gemiddelde leeftijd toch flink wat hoger.

Ik gaf aan contact op te nemen met hun PR afdeling, want bladerend in de folder zijn het allemaal vitale ouderen. Maar ik zou speciaal een – verschrikkelijke – bloemetjesjapon aan doen om dan in de leeftijdsstijl nog soort van aansluiting te vinden. 
En de ongemakkelijkheid verdween met gelach.
Want tja, ik zou ook uitleg krijgen van de monteurs, hoe de lift te gebruiken, deze japon kwam ook ruim over de knie. 
Wel zo fijn tijdens de uitleg naar boven 😉 !!!!!

Zo gezegd, zo gedaan. 
Ze moesten lachen en zagen de foto graag tegemoet haha!

Naar boven gaat prima. Ik draai ook netjes boven om het traphek, zodat ik ook op de overloop uit kan stappen. 
Klinkt raar, maar dat is dus echt niet vanzelfsprekend!
Het plaatsen van een traplift is vaak ‘beperkt’ in de mogelijkheden. Of aan de buitenkant, dan stap je op de trap uit. Of aan de binnenkant, dat de meeste ruimte op de trap in beslag neemt en je boven alsnog op de trap uit moet stappen. Dit is ‘het geluk’ wanneer je de mogelijkheden hebt om deze traplift te laten plaatsen.

Jeetje. Echt onder de indruk van het technische maatwerk.

15 januari 2016…voor het eerst sinds april boven in je eigen huis…

image

Heb het lef onzeker te zijn

Afgelopen maandag moest ik naar de tandarts. Voor de controles kon ik mij nog afmelden, ik lag in het ziekenhuis. Een stuk van een kroon afbreken valt onder ‘wat moet, dat moet’.

Op expeditie naar de tandarts. Een afstand van 200 meter afleggen met de auto en nog geen 20 meter tot in de stoel.
Daar gaan we. Kussens in de auto verzameld. Een plastic tas op de zitting om ‘soepel’ de auto in te komen. In de auto komen is één, maar eruit komen een heel ander verhaal.
~oeff..kreun..steun..sjorren, duwen en trekken..~
Houvast aan mijn rollator en ik sta. De eerste aarzelende stappen, op naar de ingang.
Dapper schuifel ik voort. Deuren die automatisch open gaan (als die maar lang genoeg open blijven staan). Ik ben binnen.
De geur van de tandartspraktijk slaat op mijn adem. Daar is de wachtkamer, nog één deur. Met dat ik een stap binnen zet breekt het klamme zweet me uit. “Laat mij maar hier staan”, zeg ik tegen mijn man. Zet mijn rollator op de rem en als volleerd gebruiker draai ik mij om en ga ik zitten.
‘Laat mij maar hier zitten? Wat zijn dat voor fratsen? Kom nou, naar de wachtkamer, je hebt niets te verbergen.’
Echt… alsof ik naakt, lomp en onhandig en zo tergend langzaam de wachtkamer binnen schuifel en alle pijlen in neonverlichting fel flitsend op mij gericht staan.
image
Het is de confrontatie met de harde werkelijkheid. In huis een fijn hulpmiddel. Buitenshuis klopt het plaatje niet. Een jonge vrouw schuifelend achter een rollator.
Net als het dragen van een donkere bril tegen het licht. Het dragen van ruismaskeerders. Een toiletverhoger. Een bed in de woonkamer.

Hulpmiddelen die nodig zijn, maar pijnlijk duidelijk confronteren met hoe het is. Het voelt kwetsbaar en maakt mij onzeker. Mijzelf zo bloot te geven. Zo voelt het letterlijk. Dat kan ik maar bij een paar mensen die dicht bij mij staan. Nu is er geen keuze.
Ik verzamel al mijn moed en schuifel de wachtkamer binnen.

image

Het zijn de aanpassingen …

… die het mogelijk maken om thuis te zijn.

En dan ben ik na vijf maanden thuis. Ook thuis zijn krijgt nu een hele andere invulling. Waar ik vanaf vorig jaar april steeds meer tijd van de dag boven op bed doorbracht. Kan ik op dit moment niet naar boven. Er staat een bed in de woonkamer. Een papegaai bedheffer en een bedtafel. Er zijn handgrepen in de wc aangebracht en er is een toiletverhoger. Eerst stond er alleen een rolstoel in de woonkamer. Daarbij nu een rollator -met afneembare zaklamp én boodschappentasje-. Een badkruk om mij te kunnen wassen aan de gootsteen in de keuken.
Zo raken wij thuis in weer een andere wereld van de zorg, terminologie en mogelijkheden.
De laatste ‘aanwinst’ is een dekenboog. Een verademing voor mijn rechteronderbeen en voet. Ik krijg steeds meer zenuwpijn en kan de druk van het dekbed niet meer verdragen. Er komt elke dag iemand om mij te verzorgen. Ook hebben we iemand gevonden voor hulp in het huishouden. Ons kwetsbaar opstellen en vragen om hulp, dat zijn niet onze sterkste punten. Dit is een harde leerweg, wij leren snel bij, of wij dat nu willen of niet. Het enige dat wij nu nog kunnen doen is openstaan voor de mogelijkheden die er zijn en alles inzetten om de zorg, de verzorging en het huishouden te kunnen regelen, zodat ik wel thuis kan zijn.

image
afbeelding: http://www.aldi.nl/aldi_rollator_48_5_16199_27354.html
image
afbeelding: orthocor.nl